3.1.[naam eiseres] vordert om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [naam gedaagde] te veroordelen om binnen vier weken na betekening van het vonnis:
de gang tussen de parkeerplaats van [naam gedaagde] en diens berging te ontruimen, door alle goederen die [naam gedaagde] daar aanwezig heeft, te verwijderen en verwijderd te houden;
de parkeerplaats van [naam gedaagde] te ontruimen, door alle goederen, behoudens de ter plaatse toegestane (personen) auto, te verwijderen en verwijderd te houden;
de tuin behorend bij het appartement van [naam gedaagde] te ontruimen, door alle goederen die niet bijdragen aan het gebruik van de tuin conform de daaraan gegeven bestemming, waaronder de bouwmaterialen en de bench c.q. kennel, te verwijderen en verwijderd te houden;
de camera of camera’s die [naam gedaagde] aanwezig heeft in de gemeenschappelijke ruimte, althans die de gemeenschappelijke ruimte geheel of gedeeltelijk filmt of filmen, primair te verwijderen en verwijderd te houden, subsidiair op zodanige wijze af te stellen dat niet langer andere bewoners, hun bezoekers of hun eigendommen worden gefilmd;
de motor die hij permanent heeft geplaatst voor de berging van zijn buren, te verwijderen en verwijderd te houden, zodat deze niet langer geplaatst is op een gemeenschappelijk gedeelte althans een gedeelte dat behoort tot het appartementsrecht van een andere eigenaar;
op straffe van een dwangsom van € 500,-- voor iedere dag dat [naam gedaagde] geen gevolg geeft aan voormelde veroordelingen, met een maximum van € 20.000,--.
Daarnaast heeft [naam eiseres] gevorderd om [naam gedaagde] in de proceskosten te veroordelen, te vermeerderen met wettelijke rente.