De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek van een man met een drugsverleden om omgang met zijn vijfjarige dochter. De omgang in het omgangshuis verliep ontspannen en positief, maar de moeder bleef bij haar standpunt dat alleen begeleide omgang mogelijk was vanwege incidenten uit het verleden.
De man wilde onbegeleid contact, maar na gemotiveerd verweer van de moeder en haar verzoek tot een zeer beperkte begeleide omgang, trok de man zijn verzoek in. De rechtbank beschouwde beide omgangsverzoeken als ingetrokken en wees deze af.
Beide partijen hebben zich jarenlang ingezet om omgang te realiseren, maar het vertrouwen tussen hen is onvoldoende hersteld. De rechtbank benadrukte het belang van toekomstige inspanningen in het belang van het kind.
Wel kende de rechtbank een informatieregeling toe waarbij de man eenmaal per vier maanden een update en een recente foto van zijn dochter ontvangt. Proceskosten worden ieder door eigen partij gedragen.