Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden aan haar schuldeisers waarbij zij 6,09% van de totale schuld zou betalen, gebaseerd op haar parttime dienstverband van 25 uur per week. Twee schuldeisers stemden in met de regeling, maar Nationale Nederlanden (NN), de grootste schuldeiser met bijna 50% van de schuld, weigerde in te stemmen en vond het aanbod te laag. NN stelde dat verzoekster niet het maximaal haalbare had aangeboden omdat zij niet had aangetoond dat zij niet fulltime kon werken.
De rechtbank overwoog dat het belang van NN bij haar weigering zwaar weegt gezien haar aandeel in de schuld. Verzoekster had onvoldoende bewijs geleverd van haar arbeidsbeperkingen, zoals een recente medische keuring, en had ook geen sollicitatie-inspanningen voor een fulltime baan getoond. Het expertiserapport uit 2018 was verouderd en toonde slechts een korte periode van arbeidsongeschiktheid aan.
Daarom concludeerde de rechtbank dat verzoekster niet aannemelijk had gemaakt dat het aanbod het uiterste was wat zij kon doen. De belangen van NN en de overige schuldeisers die door de weigering worden beschermd, wegen zwaarder dan die van verzoekster. Het verzoek om NN te bevelen in te stemmen met de schuldregeling werd afgewezen. De rechtbank zal separaat beslissen over het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.