ECLI:NL:RBROT:2022:10671
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voorbereidingshandelingen invoer cocaïne op Rotterdamse terminal
Op 9 september 2021 werd de verdachte samen met anderen aangetroffen in een container op het Rotterdam World Gateway-terrein. In de container werden onder meer beschadigde mobiele telefoons en doorgeknipte containerzegels gevonden. In de nabijheid werd een pakket met een indicatieve test op cocaïne aangetroffen, maar nader onderzoek bleef uit.
De verdachte werd beschuldigd van voorbereidingshandelingen met betrekking tot de invoer van cocaïne, waaronder het openbreken van containers en het verplaatsen van dozen. De officier van justitie en de verdediging concludeerden beiden tot vrijspraak.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de aanwezigheid van de verdachte op het terrein verdacht was en in strijd met artikel 461 Sr Pro, er onvoldoende concrete aanknopingspunten waren om hem te verbinden aan de voorbereidingshandelingen met cocaïne. Er was geen specifieke link met een container of andere concrete feiten die dit verband ondersteunden.
Gelet op de jurisprudentie werd de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde. Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 2 december 2022.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende concrete aanwijzingen voor voorbereidingshandelingen met cocaïne.