Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[naam01] ,
[naam02],
[naam03],
1.De procedure
- de dagvaardingen van 3 mei 2022, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
Drie werknemers van Linde Gas stelden dat de werkgever de onkostenvergoeding, die zij ontvangen, onrechtmatig had gewijzigd door over te stappen van een vaste maandelijkse vergoeding naar een declaratiesysteem. De werknemers vorderden betaling van de onkostenvergoeding volgens de oude regeling.
De kantonrechter overwoog dat de onkostenvergoeding een arbeidsvoorwaarde is, maar dat Linde Gas niet de arbeidsvoorwaarde zelf heeft gewijzigd, maar slechts de wijze van uitvoering ervan. Zowel voor als na de wijziging worden alle gemaakte kosten vergoed. De werkgever heeft aannemelijk gemaakt dat de wijziging voortkomt uit veranderde omstandigheden, zoals minder zakelijke kosten door thuiswerken en digitalisering.
De werknemers stelden dat de vaste vergoeding als verkapt loon werd ervaren, maar er was geen bewijs dat er een looncomponent in de vergoeding zat. De kantonrechter verwierp de stelling dat de wijziging onrechtmatig was en wees de vorderingen af.
De werknemers werden veroordeeld in de proceskosten, die werden vastgesteld op € 996,00 plus € 124,00 aan nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen van de werknemers af en bevestigt dat de werkgever de wijze van betaling van de onkostenvergoeding mag wijzigen.