ECLI:NL:RBROT:2022:1111
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens voldoende arbeidsparticipatiemogelijkheden
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, waarbij verweerder heeft vastgesteld dat eiser geen recht heeft op deze uitkering omdat hij voldoende arbeidsvermogen bezit. Diverse rapportages van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, zowel in eerste instantie als in bezwaar en beroep, bevestigen dat eiser in staat is om minimaal één uur aaneengesloten en vier uren per dag aangepaste arbeid te verrichten, ondanks zijn beperkingen door ADHD, ODD en een scooterongeval.
Eiser betwist dit en voert aan dat hij niet over basale werknemersvaardigheden beschikt en niet kan werken vanwege zijn medische situatie. De rechtbank weegt de medische en arbeidskundige rapportages, waaronder een intakeverslag van Antes, en concludeert dat deze geen wezenlijke nieuwe feiten bevatten die het eerdere oordeel ondermijnen.
De rechtbank stelt vast dat eiser wel degelijk basale werknemersvaardigheden bezit, zoals blijkt uit eerdere stages en taakstraffen, en dat het ontbreken van betaalde arbeid geen criterium is voor het ontbreken van arbeidsvermogen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit van verweerder dat eiser geen recht heeft op een Wajong-uitkering.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de weigering van een Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard.