ECLI:NL:RBROT:2022:11203

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
15 december 2022
Publicatiedatum
21 december 2022
Zaaknummer
C/10/648036 / KG ZA 22-967
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • C. Sikkel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 57 RvArt. 822 RvArt. 3:300 lid 1 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering tot uitschrijving echtelijke huurwoning wegens te vroeg ingesteld kort geding

Eiseres vordert in kort geding dat gedaagde wordt veroordeeld zich uit te schrijven van het adres van de echtelijke huurwoning, waar zij gezamenlijk huurder van zijn. Gedaagde is uit de woning vertrokken, maar het is onbekend waar hij verblijft. Eiseres heeft een echtscheidingsprocedure aanhangig gemaakt waarin onder meer de huurrechten van de woning aan haar worden toegewezen.

In deze procedure is nog geen beslissing genomen over het voortgezet woongenot van de woning en is geen voorlopige voorziening getroffen. De voorzieningenrechter oordeelt dat het verzoek tot uitschrijving van het adres te vroeg is ingesteld. Daarnaast is de bewindvoerder van gedaagde niet betrokken bij het kort geding, terwijl gedaagde onder bewind staat tot 2027. De vordering tot reële executie wordt eveneens afgewezen omdat geen juridische verplichting van gedaagde is aangetoond.

De rechtbank wijst de vordering af en compenseert de proceskosten, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is gewezen door mr. C. Sikkel en op 15 december 2022 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De vordering tot uitschrijving van gedaagde uit de echtelijke huurwoning wordt afgewezen wegens te vroeg ingesteld kort geding.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/648036 / KG ZA 22-967
Vonnis in kort geding van 15 december 2022
in de zaak van
[eiseres01],
wonende te [woonplaats01],
eiseres,
advocaat mr. E.B. van den Ouden te Oude-Tonge, gemeente Goeree-Overflakkee,
tegen
[gedaagde01],
volgens de BRP wonende te [woonplaats02],
gedaagde,
niet verschenen.

1..De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 28 november 2022 met producties 1 en 2
  • een exploot van dagvaarding op verkorte termijn van 30 november 2022 ter voldoening aan artikel 57 Rv Pro
  • een openbaar exploot gepubliceerd in de Staatscourant van 5 december 2022
  • de mondelinge behandeling gehouden op 7 december 2022.
1.2.
De advocaat van eiseres heeft desgevraagd ter zitting een kopie van de beschikking van 4 februari 2022 tot instelling van een bewind over de goederen van eiseres overhandigd.
De voorzieningenrechter heeft na het sluiten van de zitting ambtshalve het bewindregister geraadpleegd. Uit dat register blijkt dat vanaf 5 februari 2022 een bewind is ingesteld over de (toekomstige) goederen van zowel eiseres als gedaagde wegens verkwisting of het hebben van problematische schulden. De einddatum voor de onderbewindstellingen is 5 februari 2027. [naam01] , maat van Zekerezaak, staat in beide gevallen als bewindvoerder geregistreerd.
1.3.
Vonnis is bepaald.

2..De beoordeling

2.1.
Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek wordt verleend.
2.2.
Eiseres vordert om gedaagde te veroordelen om zich uit te schrijven van het adres van de echtelijke huurwoning aan de [adres01] te [postcode01] [plaats01] op straffe van een dwangsom. Partijen zijn gezamenlijk huurder van deze woning. Gedaagde is op 18 augustus 2022 uit de woning vertrokken en eiseres verblijft daar nu samen met de minderjarige dochter van partijen en een zoon uit een eerdere relatie. Onbekend is waar gedaagde op dit moment verblijft. Vast staat dat eiseres op 14 november 2022 de echtscheidingsprocedure aanhangig heeft gemaakt. Eiseres heeft, naast de echtscheiding onder meer verzocht de huurrechten van de echtelijke woning aan haar toe te kennen. In de echtscheidingsprocedure is nog niet beslist. Er is geen verzoek gedaan om een voorlopige voorziening op grond van artikel 822 Rv Pro te treffen ter zake van het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning. Dat betekent dat niet is beoordeeld aan wie van partijen het voortgezet woongenot wordt toegekend. Bij die stand van zaken is de door eiseres in dit kort geding gevorderde maatregel om gedaagde te veroordelen zich uit de BRP uit te schrijven van het adres van de echtelijke woning te vroeg ingesteld.
Verder vordert eiseres - naast de gevraagde dwangsom - toestemming tot reële executie. Ook na de ter zitting door eiseres gegeven aanvullende toelichting valt niet in te zien dat op dit moment sprake is van juridische gehoudenheid van gedaagde tot het verrichten van een rechtshandeling als bedoeld in artikel 3:300 lid 1 BW Pro. De aan dit deel van de vordering ten grondslag gelegde wens van eiseres om, vooruitlopend op de echtscheidingsprocedure, belastingtoeslagen aan te vragen, waartoe kennelijk alleen de mogelijkheid bestaat als zij alleen geregistreerd staat op het adres van de echtelijke woning, doet voor gedaagde niet zonder meer een dergelijke verplichting ontstaan.
Bovendien is de bewindvoerder van gedaagde niet in dit kort geding betrokken wat wel voor de hand had gelegen nu de vordering mede het woongenot en de daaraan verbonden (financiële) verplichtingen van gedaagde betreft. De stelling van eiseres dat gedaagde niet langer onder bewind staat heeft zij niet met stukken onderbouwd en wordt, na het ambtshalve raadplegen van het bewindregister, ook niet bevestigd.
Dit alles leidt ertoe dat de vordering wordt afgewezen.
2.3.
Gelet op de relatie tussen partijen worden de proceskosten tussen hen gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

3..De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagde,
3.2.
wijst de vordering af,
3.3.
compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. Sikkel en in het openbaar uitgesproken op 15 december 2022. 1734/1573