ECLI:NL:RBROT:2022:11314
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid en evenredigheid verkeersbesluit afsluiting straat met hekken
Eiser maakte bezwaar tegen het verkeersbesluit van het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen om de [straatnaam] af te sluiten voor doorgaand verkeer met permanente hekken. De rechtbank beoordeelde de rechtmatigheid en evenredigheid van dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat het college voldoende heeft gemotiveerd welke belangen het verkeersbesluit dient, zoals verkeersveiligheid, bescherming van weggebruikers, behoud van de groene functie en bruikbaarheid van de weg. Het college heeft alternatieven onderzocht en toegelicht waarom deze minder passend zijn, bijvoorbeeld dat verkeersdrempels doorgaand verkeer niet tegenhouden.
Hoewel eiser hinder ondervindt bij het bereiken van zijn privéparkeerplaats en meldingen over onveilige situaties aanvoert, acht de rechtbank deze hinder niet zwaarder dan de doelen van het besluit. Ook de bereikbaarheid voor hulpdiensten is volgens de rechtbank voldoende gewaarborgd, mede door het bezit van sleutels voor de hekken door hulpdiensten.
De rechtbank concludeert dat het college geen onredelijk gebruik heeft gemaakt van zijn beoordelingsruimte en dat de nadelige gevolgen voor eiser niet onevenredig zijn. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het verkeersbesluit blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het verkeersbesluit tot afsluiting van de straat met hekken wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.