ECLI:NL:RBROT:2022:11315
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens onderbemanning binnenvaartschip met matiging wegens termijnoverschrijding
Eiseres, een binnenvaartonderneming, kreeg een bestuurlijke boete van €2.500 opgelegd wegens onderbemanning op een hecht samenstel bestaande uit een duwboot en vrachtduwbak. De controle vond plaats op 5 juni 2019, waarbij werd vastgesteld dat er vier bemanningsleden aan boord waren, terwijl volgens de Binnenvaartregeling vijf vereist waren, waaronder een lichtmatroos.
Eiseres voerde aan dat overkwalificatie van bemanningsleden de onderbemanning kon opheffen en dat de schipper eigenmachtig handelde door extra bemanning pas later aan boord te laten komen. De rechtbank verwierp deze stellingen, onder meer omdat de verklaring van de schipper laat en in strijd met de goede procesorde werd ingebracht. De rechtbank oordeelde dat de minister terecht eiseres als werkgever en overtreder aanmerkte.
De rechtbank matigde de boete met 15% vanwege de overschrijding van de redelijke termijn van uitspraak, die ruim anderhalf jaar bedroeg. Tevens werd het griffierecht en een deel van de proceskosten aan eiseres vergoed. Het beroep werd gegrond verklaard, het boetebesluit deels vernietigd en herroepen voor zover het de hoogte van de boete betreft.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wegens onderbemanning wordt gematigd van €2.500 naar €2.125 vanwege overschrijding van de redelijke termijn.