Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 16 mei 2022, met bijlagen 1 en 2;
- de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord van [gedaagde01] ;
Rechtbank Rotterdam
De huurder [gedaagde01] heeft een woning gehuurd van Woningstichting Samenwerking Vlaardingen (WSV) en is een huurachterstand van €4.326,27 ontstaan tot en met mei 2022. WSV vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde en betaling van de achterstallige huur, incassokosten en rente. De huurder erkent de huurachterstand maar beroept zich op financiële problemen en een uitkering die vanaf juni 2022 ingaat.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand van meer dan drie maanden een gerechtvaardigde grond vormt voor ontbinding van de huurovereenkomst. De persoonlijke omstandigheden van de huurder ontslaan haar niet van haar betalingsverplichtingen. De buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente worden eveneens toegewezen, omdat de huurder in verzuim is en geen verweer heeft gevoerd tegen de aanmaning.
De kantonrechter bepaalt een ontruimingstermijn van 14 dagen en veroordeelt de huurder tot betaling van de maandelijkse huur vanaf juni 2022 tot en met de ontruimingsmaand. Daarnaast wordt de huurder veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is in het openbaar uitgesproken door mr. drs. Spierings.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur, incassokosten en rente.