ECLI:NL:RBROT:2022:11490
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toelating schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende inspanningsverplichting
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling met een schuldenlast van €121.784,20. Zij werkt 24 uur per week in de zorg en volgt daarnaast een opleiding. De rechtbank beoordeelt of verzoekster te goeder trouw is geweest bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek en of zij zich zal inspannen om aan de verplichtingen van de regeling te voldoen.
De rechtbank constateert dat meerdere schulden, waaronder verkeersboetes en schulden aan een uitkeringsinstantie, niet te goeder trouw zijn ontstaan. Verzoekster heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij verantwoordelijk is geweest in het voorkomen van deze schulden. Ook is twijfel over haar inspanningsverplichting, mede doordat zij een opleiding volgt die het sparen voor schuldeisers belemmert.
Verder zijn er vaste lasten schulden ontstaan tijdens een periode van budgetbeheer, zonder dat verzoekster kon verklaren waaraan het geld is besteed. Dit wekt de vrees dat zij de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling niet zal nakomen. Gezien deze omstandigheden wijst de rechtbank het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende goede trouw en onvoldoende aannemelijkheid van inspanningsverplichting.