ECLI:NL:RBROT:2022:11501

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
22 december 2022
Publicatiedatum
3 januari 2023
Zaaknummer
10/196791-22
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 310 SrArt. 311 Sr
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor diefstal in vereniging van bedrijfsgoederen bij autoverhuurbedrijf

Op 4 augustus 2022 heeft de verdachte samen met een mededader goederen, waaronder een laptop, telefoon, agenda en mappen met bedrijfsadministratie, weggenomen uit het bedrijf Rent a Car te Heenvliet. De verdachte betwistte het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening en medeplegen, maar de rechtbank oordeelde op basis van aangifte, camerabeelden en verklaringen dat sprake was van diefstal in vereniging met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.

De verdachte heeft geen toestemming kunnen aantonen voor het meenemen van de goederen en erkende dat hij wist dat de aangever de rechthebbende was. De rechtbank verwierp het verweer dat sprake was van inbezitneming met toestemming en concludeerde dat de verdachte als heer en meester over de goederen heeft beschikt.

De straf is bepaald op 43 dagen gevangenisstraf, rekening houdend met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en eerdere veroordelingen voor soortgelijke feiten. De rechtbank volgde de eis van de officier van justitie en zag geen aanleiding voor een voorwaardelijk strafdeel.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 43 dagen gevangenisstraf voor diefstal in vereniging met aftrek van voorarrest.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1
Parketnummer: 10/196791-22
Datum uitspraak: 22 december 2022
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte01] ,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1979,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres01] , [postcode01] [plaats01] ,
raadsvrouw mr. N.M.H.M. den Dekker, advocaat te ’s-Gravenhage.

1..Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 13 december 2022.

2..Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding, zoals deze op de terechtzitting overeenkomstig de vordering van de officier van justitie is gewijzigd.
De tekst van de gewijzigde tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3..Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M. Vollebregt heeft gevorderd:
  • bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
  • veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 43 dagen met aftrek van voorarrest.

4..Waardering van het bewijs

4.1.
Bewijswaardering
4.1.1.
Standpunt verdediging
De verdachte dient van de hem ten laste gelegde diefstal in vereniging vrijgesproken te worden. Daartoe is onder meer aangevoerd dat het oogmerk van de wederrechtelijke toe-eigening niet kan worden vastgesteld. Hier komt bij dat er niet van wegnemen in de zin van artikel 310 van Pro het Wetboek van Strafrecht gesproken kan worden, omdat er sprake zou zijn van inbezitneming waartoe toestemming is verleend. Evenmin kan vastgesteld worden dat de verdachte nauw en bewust heeft samengewerkt met (een) mededader(s), waardoor geen sprake is van medeplegen.
4.1.2.
Beoordeling
Door de verdediging is niet betwist dat sprake is van het wegnemen van een laptop, mappen, telefoon en agenda, maar wel betwist dat dit is gebeurd met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening. Anders dan de verdediging is de rechtbank evenwel van oordeel dat de verdachte de goederen van aangever [slachtoffer01] heeft weggenomen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening. Door aangever [slachtoffer01] is immers op 4 augustus 2022 aangifte gedaan. Hij heeft verklaard dat twee mannen op 4 augustus 2022 zijn bedrijf Rent a Car in Heenvliet hebben betreden en dat hij later van de politie begreep dat de twee mannen een laptop en papierwerk zonder zijn toestemming hadden meegenomen. Uit de beschrijving van de camerabeelden blijkt voorts dat de gedragingen van de verdachte naar hun uiterlijke verschijningsvorm gericht waren op het zich toe-eigenen van de goederen uit het bedrijf van aangever [slachtoffer01] . De verdachte heeft – ondanks dat hij daar ook op zitting meermaals naar is gevraagd – daartegenover niet verklaard dat hij toestemming had van de rechthebbende, aangever [slachtoffer01] , om de goederen mee te mogen nemen, terwijl de verdachte heeft verklaard dat hij wel wist dat aangever [slachtoffer01] de rechthebbende was. De door de verdachte afgelegde verklaring, te weten dat hij de goederen op een later tijdstip aan aangever [slachtoffer01] terug wilde geven, doet er niet aan af dat de verdachte in de tussentijd als heer en meester over de goederen heeft beschikt, wat daar verder ook van zij.
De rechtbank is tot slot van oordeel dat de verdachte de diefstal in vereniging heeft gepleegd, omdat op basis van de camerabeelden blijkt dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en zijn mededader die in de kern bestond uit een gezamenlijke uitvoering.
4.1.3.
Conclusie
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een diefstal in vereniging. De verweren die strekken tot vrijspraak worden dan ook verworpen.
4.2.
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
hij, op 4 augustus 2022, te Heenvliet, gemeente Nissewaard,
tezamen en in vereniging met een ander,
een (mobiele) telefoon, een agenda, een laptop en mappen (met inhoud) (bedrijfsadministratie), die aan [slachtoffer01]
toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen.
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten stonden, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

5..Strafbaarheid feit

Het bewezen feit levert op:
diefstal door twee of meer verenigde personen.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.
Het feit is dus strafbaar.

6..Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.
De verdachte is dus strafbaar.

7..Motivering straf

7.1.
Algemene overweging
De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
7.2.
Feit waarop de straf is gebaseerd
De verdachte heeft zich samen met een ander op een brutale manier schuldig gemaakt aan de diefstal van meerdere goederen uit een autoverhuurbedrijf, waaronder mappen met daarin bedrijfsadministratie, een laptop en een telefoon. Door het handelen van de verdachte heeft hij er blijk van gegeven geen respect te hebben voor de eigendomsrechten van een ander. Diefstal is een ergerlijk feit, dat naast overlast, ook schade voor het desbetreffende bedrijf veroorzaakt. Bovendien is de diefstal van onder meer administratie, een laptop en een telefoon zeer nadelig, omdat deze goederen deel uitmaken van de bedrijfsvoering van een bedrijf.
7.3.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
7.3.1.
Strafblad
De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 28 november 2022, waaruit blijkt dat de verdachte eerder maar niet recent is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
7.4.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Gezien de ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd.
De rechtbank ziet, zoals door de verdediging is verzocht, geen aanleiding om een voorwaardelijk strafdeel op te leggen. De rechtbank acht de eis van de officier van justitie passend en geboden en zal die volgen.

8..Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op het artikel 311 van Pro het Wetboek van Strafrecht.

9..Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

10..Beslissing

De rechtbank:
verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstraf voor de duur van 43 (drieënveertig) dagen;
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. J.L.M. Boek, voorzitter,
en mrs. M.J.M. van Beckhoven en D. van Putten, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. Sengezken, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 22 december 2022.
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
Tekst gewijzigde tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij, op of omstreeks 4 augustus 2022, te Heenvliet, gemeente Nissewaard, althans in
Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een (mobiele) telefoon, een agenda, een laptop en/of meerdere althans één map(pen) (met inhoud) (bedrijfsadministratie), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer01]
en/of Rent a Car Hellevoetsluis te Heenvliet, in
elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen;