ECLI:NL:RBROT:2022:11673

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
22 december 2022
Publicatiedatum
10 januari 2023
Zaaknummer
C/10/649092 / HA RK 22-1265
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:203 BWArt. 4:206 lid 6 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming notaris als vereffenaar nalatenschap zonder testament

Op 4 augustus 2022 overleed de heer zonder testament en zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap, zonder bekende kinderen. Zijn zussen zijn de erfgenamen en hebben de nalatenschap beneficiair aanvaard. Omdat zij niet gezamenlijk of individueel de nalatenschap willen vereffenen, verzochten zij de rechtbank om een notaris als vereffenaar te benoemen.

De rechtbank oordeelde dat aan de wettelijke voorwaarden voor benoeming van een vereffenaar was voldaan en wees het verzoek toe. Notaris werd bereid verklaard de functie te aanvaarden en benoemd. Verzoeken om vooraf vaststelling van het loon conform Recofa-richtlijnen en maandelijkse declaraties werden afgewezen, omdat dit de bevoegdheid van de kantonrechter betreft.

De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, inschrijving in het boedelregister bevolen en bekendmaking in de Staatscourant opgedragen. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden.

Uitkomst: Notaris benoemd tot vereffenaar nalatenschap, verzoeken omtrent loon afgewezen.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
Zittingsplaats Rotterdam
zaaknummer / rekestnummer: C/10/649092 / HA RK 22-1265
Beschikking van 22 december 2022
in de zaak van

1..[verzoekster01] ,

wonende te [woonplaats01] ,
2.
[verzoekster02],
wonende te [woonplaats02] ,
3.
[verzoekster03],
wonende te [woonplaats03] ,
verzoeksters,
advocaat mr. W.M. Smeets te Hellevoetsluis.

1..Het procesverloop

1.1.
Op 1 december 2022 is bij de rechtbank ingekomen het verzoekschrift van verzoeksters om een vereffenaar te benoemen op grond van artikel 4:203 BW Pro, met producties.
1.2.
De rechtbank heeft besloten om zonder een mondelinge behandeling uitspraak te doen, omdat verzoeksters de enige belanghebbenden zijn en de rechtbank aan hen geen vragen heeft.

2..De beoordeling

2.1.
Op 4 augustus 2022 is te Rotterdam overleden de heer [naam01] , geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01], laatstelijk gewoond hebbende te [plaats01] (hierna: erflater). Erflater heeft niet bij testament over zijn nalatenschap beschikt. Omdat erflater toen hij overleed niet was getrouwd of geregistreerd als partner en hij, voor zover bekend, geen kinderen had, zijn op grond van de wet verzoeksters zijn erfgenamen. Verzoeksters zijn de zussen van erflater.
2.2.
Verzoekster hebben bij akte van 7 oktober 2022 de nalatenschap van erflater aanvaard onder voorrecht van boedelbeschrijving (beneficiair aanvaard). Dit heeft tot gevolg dat zij de nalatenschap van erflater moeten vereffenen. Verzoeksters willen echter niet een van hen machtigen en ook niet gezamenlijk de nalatenschap vereffenen, zodat zij verzoeken om notaris [naam02] tot vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van erflater. Verzoeksters verzoeken tevens om te bepalen dat het loon van de vereffenaar te zijner tijd overeenkomstig de Recofa-richtlijnen zal worden berekend door de kantonrechter, alsmede dat het mogelijk is dat de vereffenaar tijdens zijn werkzaamheden maandelijks declareert bij de nalatenschap.
2.3.
Op grond van artikel 4:203 lid 1 onder Pro a BW kan de rechtbank na aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving een vereffenaar benoemen op verzoek van een erfgenaam. Verzoeksters zijn de erfgenamen van erflater en zij hebben de nalatenschap beneficiair aanvaard, zodat aan de voorwaarden van voornoemd artikel is voldaan. Omdat verzoeksters gezamenlijk verzoeken om een vereffenaar te benoemen, is de rechtbank van oordeel dat er voldoende grond is om het verzoek toe te wijzen.
2.4.
Verzoeksters hebben verzocht om notaris [naam02] tot vereffenaar te benoemen. Volgens haar bereidverklaring van 6 oktober 2022 heeft zij zich bereid verklaard de benoeming tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater te aanvaarden, zodat de rechtbank notaris [naam02] tot vereffenaar zal benoemen. De vereffenaar dient de benoeming zelf bekend te maken in de (digitale) Staatscourant.
2.5.
De verzoeken met betrekking tot het loon worden afgewezen. Het is de kantonrechter die gaat over de vaststelling van het loon van een vereffenaar. De rechtbank kan derhalve niet nu al bepalen dat de kantonrechter het loon dient vast te stellen volgens de Recofa-richtlijnen, hoewel het waarschijnlijk is dat de kantonrechter van deze richtlijnen bij het bepalen van het loon uit zal gaan. Evenmin kan de rechtbank nu bepalen dat de vereffenaar maandelijks haar werkzaamheden mag declareren bij de nalatenschap. De vereffenaar dient zich wat dit verzoek betreft tot de kantonrechter te wenden.

3..De beslissing

De rechtbank
benoemt [naam02] , notaris te [plaats02] , kantoorhoudende aan het adres [adres01] , [postcode01] te [naam03] , tot vereffenaar van de nalatenschap van:
[naam01],
geboren op [geboortedatum01] te [geboorteplaats01],
laatstelijk wonende te [plaats01] ,
overleden op 4 augustus 2022 te Rotterdam,
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
verzoekt de griffier de benoeming onverwijld in te schrijven in het boedelregister van de rechtbank op voet van het bepaalde in artikel 4:206 lid 6 BW Pro;
verzoekt de griffier de kantonrechter te Rotterdam, locatie Rotterdam, op de hoogte te stellen van deze benoeming;
draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de (digitale) Staatscourant;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Steenderen-Koornneef en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2022. [1]
3120

Voetnoten

1.Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Den Haag. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.