Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde op de dagvaarding met parketnummer 10/307932-20 en het onder 1 en 2 ten laste gelegde op de dagvaarding met parketnummer 10/100167-21;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd.
4..Waardering van het bewijs
5..Strafbaarheid feiten
1..Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.
1..Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.
Deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straffen
8..Voorlopige hechtenis
9..In beslag genomen voorwerpen
10..Vorderingen benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregelen
11..Toepasselijke wettelijke voorschriften
12..Bijlagen
13..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden;
6 (zes) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
240 (tweehonderdveertig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
120 dagen;
- verklaart verbeurd als bijkomende straf voor de bewezen feiten: de onder 2, 3 en 4 genoemde telefoons;
kolom Fvan bijlage IV vermelde bedragen te betalen aan de aan die bedragen gekoppelde benadeelde partijen, met uitzondering van de aangevers 35 tot en met 40, zijnde telkens een vergoeding voor materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf de in
kolom Jvermelde datum, tot aan de dag van voldoening;
kolom Ivan bijlage IV, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partijen begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de hoofdelijke verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partijen te betalen de bedragen, zoals vermeld in
kolom Kvan bijlage IV (hoofdsom), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de in
kolom Jvermelde datum tot aan de dag van de algehele voldoening; bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom kan gijzeling worden toegepast voor de duur van het aantal in
kolom Lvermelde dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;