Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 11 februari 2022, met producties;
- de brief van mr. Shawky van 14 februari 2022, met producties;
- de mondelinge behandeling gehouden op 15 februari 2022;
- de pleitnota van mr. Shawky.
Rechtbank Rotterdam
Partijen zijn voormalige echtelieden die in 2019 zijn gescheiden met afspraken over partneralimentatie. De man stopte met betalen na een verzoek tot beëindiging van de alimentatie en de vrouw legde daarop beslag op zijn bankrekening en later op zijn vrachtwagen, die essentieel is voor zijn inkomen.
De man vordert in kort geding de schorsing van het beslag op de vrachtwagen, stellende dat de alimentatieverplichting is geëindigd door samenwoning van de vrouw en dat het beslag misbruik van recht is, omdat het tot een noodtoestand zou leiden.
De vrouw betwist het samenwonen en stelt dat zij door het niet betalen van alimentatie in financiële nood is gekomen, waardoor beslag noodzakelijk was. De voorzieningenrechter oordeelt dat de vrouw een geldig belang heeft bij het beslag zolang de man niet betaalt en dat de man onvoldoende heeft onderbouwd dat hij niet kan betalen.
De rechtbank wijst het verzoek af, maar stelt dat als de man de achterstallige alimentatie betaalt, de vrouw het beslag moet opheffen. De proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het executoriaal beslag op de vrachtwagen wordt afgewezen.