ECLI:NL:RBROT:2022:1617
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en toekenning WIA-uitkering aan toezichthouder
Eiser, werkzaam als toezichthouder, meldde zich op 2 februari 2018 ziek vanwege gezondheidsklachten. Het UWV stelde op 9 oktober 2020 vast dat eiser 38,55% arbeidsongeschikt was en keerde een WIA-uitkering toe. Eiser maakte bezwaar en voerde aan dat hij inmiddels hersteld was en geschikt voor zijn eigen werk. De rechtbank beoordeelde de medische rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, die zorgvuldig en zonder tegenstrijdigheden waren opgesteld.
De medische beoordeling concludeerde dat eiser artrose en coxartrose heeft, waardoor hij niet geschikt is voor zijn werk als toezichthouder dat veel lopen en staan vereist. De beperkingen zijn vastgelegd in een functionele mogelijkhedenlijst. De arbeidsdeskundige stelde vast dat eiser met zijn beperkingen nog 61,45% van zijn oude loon kan verdienen, wat overeenkomt met 38,55% arbeidsongeschiktheid.
Eiser bracht medische informatie in over een consult in januari 2022, maar deze betrof een datum na de peildatum van 9 oktober 2020 en werd door het UWV en de rechtbank niet relevant geacht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat eiser op de peildatum niet geschikt was voor zijn eigen arbeid. Proceskosten werden niet vergoed.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat eiser per 9 oktober 2020 38,55% arbeidsongeschikt is en niet geschikt voor zijn eigen werk.