ECLI:NL:RBROT:2022:1679
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen weigering vergunning speelautomaten wegens slecht levensgedrag
Verzoekster heeft een vergunning aangevraagd voor het exploiteren van speelautomaten, maar deze is geweigerd door de Kansspelautoriteit wegens vermoedens van slecht levensgedrag. Verzoekster vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening zodat zij tijdelijk zonder vergunning mocht exploiteren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster onvoldoende spoedeisend belang had aangetoond. Uit de overgelegde financiële gegevens bleek dat een groot deel van de inkomsten uit de verkoop van speelautomaten kwam, niet uit exploitatie, en dat er geen recente gegevens waren over de financiële situatie op korte termijn. Tevens was er geen sprake van een evident onrechtmatig besluit.
De Kansspelautoriteit stelde dat verzoekster illegaal gokken had gefaciliteerd via Cash Centers die een cruciale rol speelden bij een illegale gokwebsite. Verzoekster betwistte dit niet. De voorzieningenrechter vond dit voldoende aannemelijk en vond dat het belang van de samenleving en de Kansspelautoriteit zwaarder woog dan dat van verzoekster.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang en het ontbreken van een evident onrechtmatig besluit.