ECLI:NL:RBROT:2022:1833
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verhelpen stankoverlast in huurwoning
Eiseres huurt sinds 2002 een woning van Stichting Havensteder en ervaart sinds mei 2017 stankoverlast. Ondanks meerdere onderzoeken en huisbezoeken door Havensteder, die geen vervolgmaatregelen noodzakelijk achtten, blijft eiseres de overlast ervaren. Eiseres vordert dat Havensteder op grond van artikel 7:206 lid 1 BW Pro de stankoverlast verhelpt en onderzoek doet bij haar bovenburen.
Havensteder betwist de aanwezigheid van stankoverlast en stelt voldoende inspanningen te hebben verricht. Eiseres beschikt niet over aanvullende bewijsstukken naast haar eigen verklaring. De kantonrechter oordeelt dat onvoldoende aannemelijk is dat de bodemrechter de vordering zal toewijzen, zodat een voorlopige voorziening niet gerechtvaardigd is.
De vordering wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van Havensteder, vastgesteld op €498. Een volledige vergoeding van proceskosten wordt geweigerd omdat Havensteder geen bijzondere omstandigheden heeft gesteld die dit rechtvaardigen.
Uitkomst: De vordering tot verhelpen van stankoverlast wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.