Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de tussenvonnissen van 13 mei 2015, 9 december 2015, 27 juni 2018, 12 december 2018, 1 april 2020 en 16 september 2020,
- het deskundigenbericht van de arbeidsdeskundige E. Audenaerde van 5 juli 2021,
- de beschikking loonbepaling van deze rechtbank van 18 maart 2021, waarbij de schadeloosstelling en het loon van de deskundige zijn bepaald op € 9.472,28 inclusief BTW,
- de conclusie na deskundigenbericht van Allianz,
- de antwoordconclusie na deskundigenbericht van [eiseres] met producties.
2.De verdere beoordeling
Inleiding
- het opleidingsniveau van [eiseres] lag ten tijde van het ongeval op mbo-2 niveau;
- ten tijde van het ongeval werkte [eiseres] niet in loondienst, zij was fulltime student;
- in de drie jaar voorafgaand aan het ongeval heeft [eiseres] :
- de kans dat [eiseres] zonder ongeval de opleiding op niveau 3 zou hebben afgerond is niet hoger dan 25%, dan wel lager dan 25%. Aannemelijker is dat zij in 2007 de arbeidsmogelijkheden onderzocht zou hebben, maar de kans op het verkrijgen van werk op niveau 2 is niet hoger dan 25%;
- indien [eiseres] er wel in zou zijn geslaagd werk te vinden op niveau 2 zou de gemiddelde omvang van de werkweek zou tussen de 20 en 26 uur hebben gelegen en zou het aanvangssalaris bij een fulltime dienstverband € 1.785 zijn geweest en het maximaal te bereiken salaris € 2.481 bruto per maand. Daar komt in ieder geval 8% vakantietoeslag bij en een eindejaarsuitkering van 2 of 8,3%, afhankelijk van de cao. Een fulltime werkweek heeft een omvang van 36 uur;
- de kans dat [eiseres] in de situatie zonder ongeval erin zou zijn geslaagd passend werk op niveau 3 te vinden is nihil;
- er is geen sprake van maatgevende arbeid. [eiseres] verrichtte vrijwilligerswerk als overblijfmoeder en stagewerkzaamheden in het kader van de opleiding. Deze activiteiten zijn als niet-passend zijn aan te merken. Er zijn geen aanpassingen denkbaar die het werk passend maken;
- de huidige arbeidskansen van [eiseres] zijn nihil;
- de uitval voor huishoudelijke werkzaamheden bedraagt in totaal 5,25 uur;
- [eiseres] heeft een indicatie vanuit de Wmo voor de huishoudelijke taken. Zij ontvangt een persoonsgebonden budget en kan hiervoor 5,5 uur per week zorg inkopen. De indicatie dekt de berekende uitval;
- [eiseres] was ook voor het ongeval al te beperkt voor het uitvoeren van taken die behoren bij het onderdeel zelfwerkzaamheid.
- Slechts 46% van de alleenstaande moeders met minderjarige kinderen neemt deel aan het arbeidsproces;
- Veel vrouwen hebben wel de wens meer te werken, maar de mogelijkheid daartoe ontbreekt mede vanwege het niet beschikbaar zijn van kinderopvang;
- Het negatieve financiële effect van de armoedeval;
- [eiseres] kampte met beperkingen waardoor slechts een gedeelte van het vacatureaanbod voor haar open stond;
- Haar positie op de arbeidsmarkt was slecht in vergelijking met andere werkzoekenden in verband met de verhoogde kans op uitval en het ontbreken van re-integratie bevorderende instrumenten;
- Zij zou te maken gaan krijgen met oplopende werkloosheid;
- Het arbeidsverleden van [eiseres] geeft geen argumenten anders te concluderen.
3.De beslissing
20 april 2022voor het nemen van een akte aan beide zijden over hetgeen is vermeld onder 2.50;