ECLI:NL:RBROT:2022:2038
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op Ziektewet-uitkering op grond van no-riskpolis wegens passende arbeid tijdens wachttijd
De werkneemster was werkzaam bij een detacheringsbureau en viel uit wegens gezondheidsklachten. Tijdens de wachttijd van 104 weken op grond van de Wet WIA is zij opnieuw aangenomen door het detacheringsbureau in een andere passende functie. Na afloop van de wachttijd trad zij in dienst bij eiseres.
Verweerder heeft meerdere besluiten genomen waarin werd geweigerd een Ziektewet-uitkering toe te kennen op grond van de no-riskpolis, omdat de werkneemster niet voldeed aan de criteria van artikel 29b, eerste lid, aanhef en onder b, van de ZW. Eiseres stelde dat de werkneemster wel degelijk aanspraak maakte op de uitkering, mede vanwege de specifieke situatie bij detacheringsbureaus.
De rechtbank oordeelt dat de werkneemster tijdens de wachttijd passende arbeid verrichtte bij haar eigen werkgever, het detacheringsbureau, en daardoor niet voldoet aan het vereiste dat zij niet in staat was passende arbeid te verrichten bij de eigen werkgever. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft het besluit van verweerder gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van de ZW-uitkering op grond van de no-riskpolis wordt bevestigd.