Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden aan haar schuldeisers, waarbij zij 3,81% van de totale schuldenlast van €71.094,66 wilde betalen. Achtentwintig van de tweeëndertig schuldeisers stemden in met het voorstel, maar vier schuldeisers, waaronder KomKids, de gemeente Schiedam en Volkswagen, weigerden hun instemming.
De rechtbank beoordeelde of deze weigering redelijk was, waarbij werd meegewogen dat de regeling gebaseerd was op de afloscapaciteit van verzoekster, die momenteel werkloos is maar actief solliciteert. Schuldhulpverlening bevestigde dat verzoekster haar budget goed beheert en de sollicitatieplicht naleeft. De regeling is getoetst door een onafhankelijke partij en goed gedocumenteerd.
De rechtbank oordeelde dat het voorstel het uiterste is wat verzoekster kan bieden en dat de belangen van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers zwaarder wegen dan die van de weigeraars. Het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen omdat dit minder gunstig zou zijn voor schuldeisers.
De rechtbank beveelt de weigeraars in te stemmen met de schuldregeling, veroordeelt hen in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.