In deze zaak vordert de werknemer de ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst met Zorgvervoer Metropool B.V. (ZM) en diverse vergoedingen, waaronder achterstallig loon, vakantiedagen, transitie- en billijke vergoeding. De kantonrechter beoordeelt eerst het aantal gewerkte uren en constateert dat de werknemer gemiddeld 6 uur en 22 minuten per week heeft gewerkt, conform de gegevens van de boordcomputer. Hierdoor wordt de vordering tot loon over 15,5 uur per week afgewezen.
Ten aanzien van de vakantiedagen oordeelt de kantonrechter dat deze op basis van het all-in loon berekend dienen te worden, waardoor een bruto bedrag van €4.086,41 aan vakantiedagenvergoeding toewijsbaar is, vermeerderd met een wettelijke verhoging van 25% en wettelijke rente. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 mei 2022, waarbij de werknemer de mogelijkheid krijgt het verzoek tot ontbinding in te trekken.
De werknemer stelt dat ZM ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door onder meer het niet correct uitbetalen van loon en het onder druk zetten tot ontslag, maar deze stellingen zijn onvoldoende onderbouwd en deels door ZM betwist. De kantonrechter oordeelt dat er geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen dat recht geeft op transitie- of billijke vergoeding.
Ten slotte wijst de kantonrechter de vordering tot vergoeding van volledige juridische kosten af en bepaalt dat iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.