Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
2..De beoordeling
3..De beslissing
M. Melissant, griffier, in het openbaar uitgesproken op 7 april 2022.
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster diende een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wegens haar onvermogen om haar schulden te voldoen. De rechtbank stelde vast dat verzoekster niet langer kan betalen en dat er geen voldoende grond is om het verzoek af te wijzen. Hoewel een schuld aan een kinderopvanginstelling niet te goeder trouw is ontstaan, oordeelde de rechtbank dat verzoekster de omstandigheden die tot de schulden leidden onder controle heeft gekregen.
Verzoekster is onder beschermingsbewind geplaatst en laat sinds die tijd geen nieuwe schulden ontstaan. Zij volgt een opleiding tot verzorgende en werkt parttime, waardoor verwacht wordt dat haar afloscapaciteit zal verbeteren. De rechtbank verleent verzoekster een vrijstelling van de verplichting tot fulltime werken tot februari 2023, onder de voorwaarde dat zij zich maximaal inspant om haar opleiding succesvol af te ronden.
De schuldsaneringsregeling wordt daarom bij aanvang op vier jaar gesteld, ter compensatie van de vrijstelling. De rechtbank benoemt tevens een rechter-commissaris en kent een voorschot toe op de vergoeding van de bewindvoerder. De procedure wordt als hoofdprocedure geopend omdat het centrum van voornaamste belangen in Nederland ligt.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling wordt toegewezen met een duur van vier jaar en vrijstelling van fulltime werkverplichting tot februari 2023.