Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte rechtspersoon tot een geldboete van € 60.000,-.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen een verdachte rechtspersoon die werd verdacht van medeplegen van witwassen door de aankoop van een woning met vermoedelijk crimineel geld.
De officier van justitie stelde dat het geld afkomstig was van een valse leenovereenkomst tussen een Duits bedrijf en twee andere ondernemingen, en dat de verdachte rechtspersoon hiervan op de hoogte was. De leenovereenkomst was echter pas later aangemaakt dan de ingangsdatum en ondertekeningsdatum, wat de officier van justitie als indicatie van valsheid aanvoerde.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring van de medeverdachte, die stelde dat het geld legaal was uitgeleend en rente werd betaald, voldoende was om het vermoeden van criminele herkomst te weerleggen. De onregelmatigheden in de data van de leenovereenkomst waren onvoldoende om het bewijs te ondermijnen.
Daarom sprak de rechtbank de verdachte rechtspersoon vrij van het ten laste gelegde witwassen. Tevens werd de teruggave van het in beslag genomen onroerend goed bevolen.
Uitkomst: Verdachte rechtspersoon wordt vrijgesproken van medeplegen witwassen wegens onvoldoende bewijs criminele herkomst geld.