Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 13 oktober 2021, met producties;
- de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, met producties;
- het tussenvonnis van 27 december 2021, waarin een mondelinge behandeling is bepaald.
2..De vaststaande feiten
3..De vordering in conventie
4..Het verweer in conventie en de eis in reconventie
5..De beoordeling
In conventie en in reconventie
6..De beslissing
- wijst de vorderingen af;
- veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van VCC vastgesteld op € 374,00 aan salaris voor de gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW Pro over dit bedrag vanaf 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag der algehele voldoening;
- verklaart dit vonnis tot zover, voor wat veroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst de vorderingen af;
- veroordeelt VCC in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [eiseres] vastgesteld op € 374,00 aan salaris voor de gemachtigde welk bedrag rechtstreeks aan die gemachtigde dient te worden voldaan.