ECLI:NL:RBROT:2022:3230
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid na beëindiging zaak
Verzoeker diende op 22 april 2022 een tweede wrakingsverzoek in tegen drie rechters van de wrakingskamer en een senior rechter die eerder betrokken waren bij zijn zaak. De rechtbank oordeelde dat de rechters van de wrakingskamer het eerste wrakingsverzoek op 13 april 2022 al hadden afgehandeld, waardoor zij de zaak niet meer behandelden toen het tweede verzoek werd ingediend.
Daarnaast had de senior rechter op 28 februari 2022 een eindvonnis gewezen in de bodemprocedure van verzoeker, waarmee ook zijn behandeling van de zaak was beëindigd. Wraking is bedoeld om onpartijdigheid te waarborgen zolang een rechter de zaak behandelt, maar kan niet worden toegepast nadat de behandeling is geëindigd.
Daarom verklaarde de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk in het tweede wrakingsverzoek, zowel voor de wraking van de wrakingskamerrechters als voor de wraking van de senior rechter. Deze beslissing werd op 29 april 2022 door de meervoudige kamer voor wrakingszaken uitgesproken.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in het wrakingsverzoek omdat de rechters de zaak niet meer behandelden ten tijde van het verzoek.