ECLI:NL:RBROT:2022:3302

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 april 2022
Publicatiedatum
3 mei 2022
Zaaknummer
C/10/635945 / JE RK 22-760 en C/10/636254 / JE RK 22-808
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 Jeugdwet
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging gesloten jeugdhulp voor minderjarige met gedragsproblemen

De rechtbank Rotterdam behandelde op 8 april 2022 het verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond om een machtiging gesloten jeugdhulp te verlenen aan een minderjarige met ernstige gedragsproblemen. De minderjarige verbleef bij Schakenbosch en had zich recent aan zijn behandeling onttrokken, wat de veiligheid in gevaar bracht.

De ouders oefenden het ouderlijk gezag uit en waren bezorgd over de situatie. De kinderrechter nam kennis van eerdere besluiten, waaronder een ondertoezichtstelling en een eerdere machtiging gesloten jeugdhulp. De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging van de opname in een gesloten accommodatie voor vier maanden, met inzet van multidimensionele familietherapie, scholing en geleidelijk meer verlof bij de ouders.

De advocaat van de minderjarige verzette zich niet tegen het verzoek en benadrukte de positieve ontwikkelingen. De gedragswetenschapper gaf een instemmende verklaring. De kinderrechter oordeelde dat aan de wettelijke criteria van de Jeugdwet was voldaan, gezien de ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen, het risico op onttrekking aan hulp en de noodzaak van gesloten jeugdhulp.

De machtiging werd verleend voor de periode van 8 april tot 8 augustus 2022, met het oog op voortzetting van behandeling, schoolgang en het psychodiagnostisch onderzoek. Het meer of anders verzochte werd afgewezen. De beschikking is in het openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgesteld op 22 april 2022.

Uitkomst: Machtiging gesloten jeugdhulp verleend voor vier maanden ter waarborging van veiligheid en behandeling van de minderjarige.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
Zaakgegevens: C/10/635945 / JE RK 22-760 en C/10/636254 / JE RK 22-808
datum uitspraak: 8 april 2022

beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaken van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,
betreffende

[naam kind], geboren op [geboortedatum kind] 2006 te [geboorteplaats kind],

hierna te noemen [naam kind].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder], hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder],

[naam vader], hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader].

Het procesverloopHet procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

- het verzoek met bijlagen van de GI van 30 maart 2022, ingekomen bij de griffie op
30 maart 2022;
- het verzoek met bijlagen van de GI van 5 april 2022, ingekomen bij de griffie op
6 april 2022;
- de verklaring dat een voorziening nodig is op het gebied van jeugdhulp en verblijf niet zijnde verblijf bij een pleegouder van 7 april 2022, ingekomen bij de griffie op
7 april 2022;
- een instemmende verklaring van de gekwalificeerde gedragswetenschapper van
6 april 2022, ingekomen bij de griffie op 6 april 2022.
Op 8 april 2022 heeft de kinderrechter de zaken ter zitting met gesloten deuren behandeld.
Gehoord zijn:
- de minderjarige [naam kind], bijgestaan door mr. F. Ben-Saddek,
- de vader,
- een vertegenwoordigster van de GI, te weten [naam 1].
Opgeroepen en niet verschenen is:
- de moeder.

De feitenHet ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders.

[naam kind] verblijft bij Schakenbosch.
Bij beschikking van 4 februari 2022 is [naam kind] onder toezicht gesteld met ingang van 4 februari 2022 tot 4 februari 2023 en is een machtiging gesloten jeugdhulp betreffende [naam kind]
verleend met ingang van 8 februari 2022 tot 8 april 2022 en is het anders of meer verzochte afgewezen.
Bij beschikking van 6 april 2022 is een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp betreffende de minderjarige [naam kind] verleend met ingang van 6 april 2022 voor de duur van één week en is het verzoek voor het overige aangehouden.

De verzoeken

De GI heeft een machtiging verzocht om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier maanden. Dit verzoek is geregistreerd onder het zaaknummer C/10/635945 / JE RK 22-760.
Vervolgens heeft de GI in aansluiting op een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp voor één week, verzocht om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier maanden. Dit verzoek is geregistreerd onder het zaaknummer C/10/636254 / JE RK 22-808.

De standpunten

De GI heeft ter zitting de verzoeken gehandhaafd en als volgt nader toegelicht.
Onlangs heeft [naam kind] zich aan zijn behandeling bij Schakenbosch onttrokken. Toch willen alle betrokken hulpverleners [naam kind] een nieuwe kans geven, omdat er bij hem ook een groei zichtbaar is. Het is de bedoeling dat [naam kind] de komende vier maanden bij Schakenbosch verblijft. Daarbij zal het verlof bij de ouders thuis steeds meer worden uitgebreid en hulpverlening van Marathon, MDFT (Multidimensionele Familietherapie) en scholing via het Educatief Centrum worden ingezet.
Namens de minderjarige [naam kind] heeft zijn advocaat zich ter zitting niet verzet tegen de verzoeken van de GI. Er is aandacht gevraagd voor de positieve ontwikkelingen die bij [naam kind] in zijn houding zichtbaar zijn en de groei die hij doormaakt.
De vader heeft ter zitting verklaard dat hij het eens is met de verzoeken van de GI en dat de ouders zich zorgen maken over [naam kind].

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter is van oordeel dat aan deze criteria wordt voldaan.
Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is immers gebleken dat er bij [naam kind] sprake is van forse gedragsproblemen. [naam kind] heeft moeite om gezag te accepteren en is meermalen vermist geweest. Ook is er bij [naam kind] sprake van schoolverzuim.
Vanwege de zorgen is hij op 8 november 2021 met een machtiging bij Schakenbosch binnen de gesloten jeugdhulp geplaatst. In maart 2022 heeft [naam kind] zich aan zijn behandeling bij Schakenbosch onttrokken doordat hij een aantal dagen opnieuw vermist is geweest. Als gevolg hiervan kan de veiligheid van [naam kind] nog niet worden gewaarborgd.
Gelet op al het voorgaande zal de kinderrechter dan ook een machtiging gesloten jeugdhulp verlenen voor de periode van vier maanden. Daarbij houdt de kinderrechter rekening met de verklaring van de gedragswetenschapper [naam 2] van 6 april 2022, die heeft ingestemd met de verzoeken van de GI. Het is van belang dat [naam kind] de komende periode zijn behandeling bij Schakenbosch en zijn schoolgang vervolgt, dat zijn verlof naar huis steeds verder wordt uitgebreid en dat hij met zijn ouders zal meewerken aan de hulpverlening, zoals door de GI ter zitting is toegelicht, om een terugplaatsing bij de ouders succesvol te laten verlopen. Daarbij is het ook belangrijk dat het psychodiagnostisch onderzoek bij [naam kind] alsnog van de grond komt zodat de oorzaak van de (gedrags)problematiek duidelijk wordt.

De beslissing

De kinderrechter:
verleent een machtiging gesloten jeugdhulp betreffende de minderjarige [naam kind] met ingang van 8 april 2022 tot 8 augustus 2022;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2022 door mr. M.P. van der Stroom, kinderrechter, in tegenwoordigheid van D. van der Aa als griffier.
De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 22 april 2022.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.