ECLI:NL:RBROT:2022:3312
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en toekenning WIA-uitkering na bezwaar en beroep
Eiseres, werkzaam als klassenassistent, viel uit wegens ziekte en vroeg een WIA-uitkering aan. Verweerder kende haar een loongerelateerde uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 51,43% op basis van rapportages van een primaire arts en een arbeidsdeskundige.
Eiseres maakte bezwaar en beroep tegen deze beoordeling, stellende dat haar psychische en energetische beperkingen onvoldoende waren meegenomen, onder meer vanwege depressie, PTSS en persoonlijkheidsstoornissen. Zij voerde aan niet in staat te zijn de geduide functies te verrichten en wees op een lage GAF-score.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep zorgvuldig en gemotiveerd was, waarbij rekening was gehouden met alle relevante medische informatie en beperkingen. De arbeidsdeskundige had passend werk geduid dat binnen de beperkingen van eiseres viel.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht had vastgesteld dat eiseres voor 51,43% arbeidsongeschikt was en dat het beroep ongegrond was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van 51,43% arbeidsongeschiktheid wordt ongegrond verklaard.