ECLI:NL:RBROT:2022:386
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens onduidelijkheid griffierechtnota
Opposant had beroep ingesteld tegen een besluit van het Drechtstedenbestuur, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Opposant stelde in verzet dat hij de nota griffierecht nooit had ontvangen en dat de termijn onredelijk kort was.
De rechtbank heeft de Track & Trace-informatie van PostNL geraadpleegd en kon niet vaststellen dat de aangetekende brief met de griffierechtnota daadwerkelijk bij opposant was bezorgd. Hierdoor ontstond twijfel over de rechtmatigheid van de niet-ontvankelijkverklaring.
De rechtbank verklaarde het verzet gegrond, waardoor de eerdere uitspraak verviel en het onderzoek werd voortgezet. Opposant krijgt alsnog de gelegenheid het griffierecht te voldoen. Daarnaast werd het Drechtstedenbestuur veroordeeld in de proceskosten van opposant.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet, opposant krijgt alsnog de gelegenheid het griffierecht te voldoen.