De zaak betreft een verzoek tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een kind, dat sinds oktober 2021 in een bestandpleeggezin verblijft vanwege de psychose van de moeder. De moeder is hersteld en werkt mee aan begeleiding, maar is emotioneel nog onvoldoende beschikbaar voor het kind.
De Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instelling ondersteunen de verlenging, onder verwijzing naar de noodzaak van een gezinsopname bij Centrum ‘45 om de opvoedvaardigheden van de moeder te beoordelen en te versterken. De moeder verzoekt primair afwijzing van het verzoek en subsidiair beperking van de duur.
De kinderrechter oordeelt dat terugplaatsing nog niet verantwoord is en verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing tot 25 augustus 2022. Dit biedt ruimte voor de gezinsopname en eventuele alternatieve hulpverlening om een veilige terugkeer naar huis te realiseren.