Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De procedure
- verzoekers;
- mevrouw [persoon A] , werkzaam bij Gemeente Nissewaard (hierna: schuldhulpverlening).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekers dienden een verzoek in tot toepassing van artikel 287a Faillissementswet om een dwangakkoord af te dwingen tegen een schuldeiser die niet instemde met een aangeboden schuldregeling. De regeling voorzag in een uitkering van 25,33% aan preferente en 12,66% aan concurrente schuldeisers, gebaseerd op de NVVK-norm en de afloscapaciteit van verzoekers. Verzoeker is 80-100% arbeidsongeschikt en ontvangt een IVA-uitkering, verzoekster werkt parttime met een vast contract en zorgt voor een ziek kind.
Vijf van de zes schuldeisers stemden in met het akkoord, maar één schuldeiser met een vordering van 44,3% van de totale schuldenlast weigerde. Deze schuldeiser stelde dat de regeling onvoldoende financieel transparant was en dat verzoekster meer zou kunnen werken. De rechtbank oordeelde dat de regeling goed gedocumenteerd en getoetst was door een onafhankelijke partij en dat verzoekers het maximale haalbare bod hadden gedaan.
De rechtbank vond dat het belang van verzoekers en de instemmende schuldeisers zwaarder woog dan dat van de weigeraar. De dwangakkoord werd toegewezen, de schuldeiser veroordeeld in de proceskosten en het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen vanwege de tienjaarsperiode na eerdere regeling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en vervangt de vrijwillige instemming.
Uitkomst: Verzoek tot dwangakkoord wordt toegewezen en schuldeiser wordt bevolen in te stemmen met de schuldregeling.