ECLI:NL:RBROT:2022:4596

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
10 juni 2022
Publicatiedatum
13 juni 2022
Zaaknummer
9652886 \ CV EXPL 22-2739
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:29 BWArt. 6:96 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling hoofdsom en bijkomende kosten incasso tandartsbehandeling toegewezen

Op 15 juni 2021 onderging de gedaagde een tandartsbehandeling bij een zorgverlener. De kosten hiervan, een bedrag van € 95,26, werden via cessie overgedragen aan Infomedics, die als incasseerder optrad. Ondanks meerdere aanmaningen betaalde de gedaagde dit bedrag niet.

Infomedics vorderde naast de hoofdsom ook buitengerechtelijke incassokosten van € 40,- en wettelijke rente. De gedaagde erkende de hoofdsom, maar betwistte de bijkomende kosten, stellende dat hij een betalingsregeling probeerde te treffen maar daarin niet slaagde.

De kantonrechter oordeelde dat Infomedics niet verplicht was een betalingsregeling te treffen en dat de gedaagde voldoende tijd had gehad om te betalen. De aanmaning voldeed aan de wettelijke eisen en de gedaagde ging niet tot betaling over. De gevorderde incassokosten en rente werden daarom toegewezen. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van Infomedics aan de gedaagde opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 136,26 met rente en proceskosten van € 309,22, uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 9652886 \ CV EXPL 22-2739
datum uitspraak: 10 juni 2022
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: YARDS Deurwaardersdiensten B.V.,
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
zonder gemachtigde.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1..De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 20 januari 2022, met bijlagen;
  • het antwoord, met bijlagen;
  • de aantekeningen van het mondelinge verweer;
  • de repliek, met bijlagen;
  • de brief van de griffier van 12 april 2022 waarin aan [gedaagde] is medegedeeld dat [gedaagde] uiterlijk op de rolzitting van 10 mei 2022 op de repliek mag reageren.
1.2.
[gedaagde] heeft, hoewel daartoe behoorlijk in de gelegenheid gesteld, niet meer gereageerd.

2..De feiten

2.1.
Op 15 juni 2021 heeft [gedaagde] een tandartsbehandeling ondergaan bij Dental-Masters Larikslaan (hierna: de zorgverlener).
2.2.
De zorgverlener heeft haar vordering inzake de kosten van deze behandeling bij akte van cessie aan Infomedics Finance B.V. overgedragen. Infomedics treedt op als incasseerder.
2.3.
Bij factuur van 25 juni 2021 (hierna: de factuur) heeft Infomedics een bedrag van in totaal € 95,26 bij [gedaagde] in rekening gebracht ter zake van voornoemde tandartsbehandeling. [gedaagde] heeft de factuur van Infomedics niet betaald.

3..Het geschil

3.1.
Infomedics eist, samengevat:
  • [gedaagde] te veroordelen aan haar te betalen € 136,26 met rente;
  • [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten met rente;
  • het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
3.2.
Infomedics baseert haar eis op het volgende. [gedaagde] heeft de factuur, ondanks aanmaningen, niet betaald. Dat moet hij alsnog doen. Infomedics maakt verder aanspraak op € 40,- aan buitengerechtelijke incassokosten en op de wettelijke rente die, berekend tot 12 januari 2022, € 1,- bedraagt.
3.3.
[gedaagde] is het niet eens met de eis en voert het volgende aan. [gedaagde] is het eens met de hoofdsom, maar niet met de gevorderde bijkomende kosten. [gedaagde] heeft namelijk geprobeerd een betalingsregeling te treffen, maar is hierin niet geslaagd. Hij wilde de hoofdsom wel betalen. Nu zijn er onnodige kosten bijgekomen.

4..De beoordeling

4.1.
[gedaagde] heeft niet betwist dat hij € 95,26 aan Infomedics moet betalen, vanwege de tandartsbehandeling die hij heeft ondergaan op 15 juni 2021. De vordering tot betaling van de hoofdsom van € 95,26 zal dan ook worden toegewezen.
4.2.
De centrale vraag in deze procedure is of [gedaagde] alleen de hoofdsom van € 95,26 moet betalen aan Infomedics, of dat hij ook bijkomende kosten verschuldigd is. [gedaagde] heeft in het algemeen verweer gevoerd tegen deze kosten. Hij voert aan dat hij na ontvangst van de aanmaning op 3 december 2021 heeft geprobeerd online een betalingsregeling af te spreken, maar dat hij de daarvoor benodigde code niet ontving. Na ontvangst van de dagvaarding was de gemachtigde vervolgens niet meer bereid om een betalingsregeling te treffen ter zake van uitsluitend de hoofdsom.
4.3.
De kantonrechter oordeelt dat dit verweer niet opgaat. Vooropgesteld wordt dat Infomedics niet verplicht is om een betalingsregeling te treffen met [gedaagde] (artikel 6:29 BW Pro). Daarnaast heeft [gedaagde] in juni 2021 de factuur al ontvangen. Hij heeft dus ruimschoots de tijd gehad om het bedrag in delen aan Infomedics te betalen. Ook na ontvangst van de aanmaning op 3 december 2021 had hij alsnog de factuur, of tenminste een deel daarvan, kunnen betalen, zonder bijkomende kosten. Dat heeft hij echter nagelaten. Bovendien heeft Infomedics bij conclusie van repliek aangevoerd dat zij de door Msseyh opgevraagde code ten behoeve van de betalingsregeling direct aan [gedaagde] heeft toegezonden. [gedaagde] heeft niet meer gereageerd op de conclusie van repliek en heeft dat dus ook niet betwist. Dat [gedaagde] destijds geen regeling heeft getroffen is dus ook in dat opzicht aan hemzelf te wijten. Dat Infomedics na het uitbrengen van de dagvaarding alleen nog bereid was een regeling te treffen met [gedaagde] met inbegrip van de proceskosten is begrijpelijk, omdat zij die kosten toen al had gemaakt. Infomedics is niet verplicht eerst meerdere herinneringen te versturen. Dit betekent voor de gevorderde kosten het volgende.
buitengerechtelijke incassokosten
4.4.
De vordering tot vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden beoordeeld aan de hand van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. [gedaagde] is buitengerechtelijke kosten verschuldigd, als Infomedics hem een aanmaning heeft gestuurd die voldoet aan de vereisten van artikel 6:96 lid 6 BW Pro en [gedaagde] naar aanleiding daarvan niet tot betaling is overgegaan.
4.5.
Infomedics heeft een aanmaning van 3 december 2021 overgelegd. Deze aanmaning voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro. [gedaagde] heeft weliswaar aangevoerd dat hij geen herinnering heeft ontvangen, maar in zijn schriftelijke antwoord vermeldt hij wel “het bericht in december 2021 van de deurwaarder over de rekening van € 95,26” waarop hij diezelfde maand heeft gereageerd met het verzoek om een betalingsregeling. De kantonrechter gaat er daarom van uit dat dit de bedoelde aanmaning van 3 december 2021 is. Het staat vast dat [gedaagde] naar aanleiding van die aanmaning niet tot betaling is overgegaan. De gevorderde vergoeding van € 40,-, die is berekend in overeenstemming met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten, wordt daarom toegewezen.
rente
4.6.
Omdat [gedaagde] met betaling van de factuur in gebreke is gebleven na het verstrijken van de betalingstermijn, is hij in verzuim geraakt. [gedaagde] is daarom op grond van artikel 6:119 BW Pro wettelijke rente verschuldigd geworden. De gevorderde rente, die berekend tot 12 januari 2022 € 1,- bedraagt, wordt daarom eveneens toegewezen.
proceskosten
4.7.
[gedaagde] krijgt in deze procedure ongelijk en moet daarom de proceskosten betalen. De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Infomedics tot vandaag vast op € 107,22 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht en € 74,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 37,- tarief). Dit is in totaal € 309,22. De over dit bedrag gevorderde wettelijke rente wordt eveneens toegewezen.
betalingsregeling
4.8.
Infomedics heeft in haar e-mailbericht van 21 januari 2022 aangegeven dat zij bereid is een regeling te treffen onder verband van een vonnis. Dat wil zeggen dat er volgens Infomedics eerst een vonnis moet liggen. De kantonrechter overweegt daarom nog - ten overvloede - dat zij in deze procedure niet de bevoegdheid heeft om zelf aan partijen een betalingsregeling op te leggen, maar dat het partijen altijd vrij staat om alsnog een regeling te treffen.
uitvoerbaarheid bij voorraad
4.9.
Dit vonnis wordt, zoals gevorderd, uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

5..De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 136,26 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over € 95,26 vanaf 12 januari 2022 tot de dag van volledige betaling;
5.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de kant van Infomedics tot vandaag vastgesteld op € 309,22, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. E. van Schouten en in het openbaar uitgesproken.
54214