Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 31 januari 2022, met bijlagen;
- de rolbeslissing van 29 april 2022;
- het antwoord met eis in reconventie (tegeneis).
2..De feiten
3..Het geschil
- [gedaagde] te veroordelen aan haar datgene te betalen waartoe zij in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld, met inbegrip van de kostenveroordeling, te vermeerderen met de wettelijke rente over de nakosten, als die niet binnen veertien dagen na dit vonnis worden betaald;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
- [eiseres] te veroordelen aan hem datgene te betalen waartoe hij in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld, althans voor zover het een veroordeling ter zake van de huurachterstand tot 2 juni 2021 betreft, met inbegrip van de kostenveroordeling, te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten, als die niet binnen veertien dagen na dat vonnis worden betaald;
- [eiseres] te veroordelen in de proceskosten met rente en nakosten;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
4..De beoordeling
- Wat was de reden dat [gedaagde] de woning heeft verlaten in november 2020?
- Hoe hoog was de huurachterstand op het moment dat [gedaagde] de woning verliet?
- Waarom zijn partijen volgens [gedaagde] overeengekomen dat ook de huurachterstand van voor november 2020 volledig voor rekening van [eiseres] zou komen?
- Waarom heeft [eiseres] het huis verlaten op 2 juni 2021?
- Waarom heeft [eiseres] nog betalingen verricht na haar vertrek op 2 juni 2021?