In deze kort geding procedure vordert Stichting Woonstad Rotterdam de ontruiming van een woning die door [gedaagde] wordt gehuurd. De vordering is gebaseerd op een politievondst van grote hoeveelheden heroïne, cocaïne, versnijdingsmiddelen, hasj, een vuurwapen met munitie en contant geld in de woning, wat duidt op gebruik voor drugshandel en productie.
De kantonrechter verleent verstek tegen [gedaagde] die niet is verschenen en acht de vordering spoedeisend en aannemelijk. De woning is sinds 7 juni 2022 gesloten door een burgemeesterssluiting. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op 14 dagen na betekening en opheffing van de sluiting.
Daarnaast wordt [gedaagde] veroordeeld tot betaling van de huur vanaf juni 2022 tot het moment dat Woonstad weer over de woning kan beschikken, en tot betaling van buitengerechtelijke kosten en proceskosten. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.