ECLI:NL:RBROT:2022:5373
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor maatschappelijke opvang op grond van Wmo 2015
Verzoeker, afkomstig uit Aruba, diende een verzoek in voor maatschappelijke opvang bij de gemeente Rotterdam, nadat hij eerder in Amsterdam was afgewezen wegens voldoende zelfredzaamheid. De gemeente Rotterdam wees het verzoek af en verwees verzoeker terug naar Amsterdam. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er sprake was van een spoedeisend belang omdat verzoeker geen vaste opvangplek had en daardoor niet kon wachten op de beslissing op bezwaar. Echter, uit het onderzoek bleek dat verzoeker beperkt zelfredzaam is en zich in Rotterdam zelfstandig kon handhaven, mede door zijn werk als oproepkracht.
De rechtbank stelde dat de gemeente de afwijzingsgrond in bezwaar mocht wijzigen naar beperkte zelfredzaamheid en dat het bezwaar geen redelijke kans van slagen had. Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van maatschappelijke opvang is afgewezen.