Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1, 2, 3, 4, 5 impliciet primair en 6 primair ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 209 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 100 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar;
- afwijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging in de zaak met parketnummer 10/741244-17.
4..Waardering van het bewijs
de mensen moet zijn die bij [naam persoon 1] in de kamer waren. Dat waren [naam medeverdachte 1] , [naam medeverdachte 2] , [naam verdachte] en kleine [bijnaam medeverdachte 3]’.
5..Strafbaarheid feiten
1..medeplegen van opzettelijk iemand van de vrijheid beroven en beroofd houden;
2..medeplegen van mishandeling;
3. afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
4. diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd.
5..impliciet primair,
opzetheling;
6..primair,
diefstal.
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
8..Vordering benadeelde partij/ schadevergoedingsmaatregel
9..Vordering tenuitvoerlegging
10..Toepasselijke wettelijke voorschriften
11..Bijlagen
12..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden;
€ 4.000,-- (zegge: vierduizend euro),bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 11 februari 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de hoofdelijke verplichting aan de staat ten behoeve van [naam slachtoffer 1] te betalen
€ 4.000,-- (zegge: vierduizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 februari 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening; bepaalt dat indien volledig verhaal van de hoofdsom van € 4.000,-- niet mogelijk blijkt,
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van maximaal
50 (vijftig) dagen; de toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
goederen en/of het ter beschikking stellen van gegevens, te weten
of enige gegevens, geheel of ten dele toebehorende aan die [naam slachtoffer 1] , in