ECLI:NL:RBROT:2022:6270
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak in civiele procedure
In deze zaak heeft verzoeker wraking van de rechter mr. drs. D.L. Spierings gevraagd nadat deze rechter op 3 juni 2022 een eindvonnis had gewezen in een civiele procedure waarin verzoeker als gedaagde optrad.
Het wrakingsverzoek werd op 14 juli 2022 ingediend, dus na de datum van het vonnis. Volgens artikel 36 Rv Pro kan een rechter die een zaak behandelt worden gewraakt, maar dit middel dient om onpartijdigheid te waarborgen zolang de rechter nog betrokken is bij de behandeling van de zaak.
Omdat de rechter de zaak reeds had afgerond met een einduitspraak, kon het wrakingsverzoek het doel niet meer dienen. De rechtbank verklaarde verzoeker daarom niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek, conform artikel 8, lid 2, aanhef en onder d, van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Rotterdam.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer voor wrakingszaken en op 20 juli 2022 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in het wrakingsverzoek omdat dit na de einduitspraak is ingediend.