ECLI:NL:RBROT:2022:6323
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Ontruiming woning wegens ernstige en structurele overlast door huurder
De zaak betreft een vordering van eiseres tot ontruiming van de woning die door gedaagde wordt gehuurd sinds 1 augustus 2017. De vordering is gebaseerd op ernstige en structurele overlastmeldingen vanaf medio 2020, die zijn geëscaleerd met een geweldsincident op 1 juli 2022 waarbij gedaagde zijn vader mishandelde en daarop is aangehouden.
Eiseres stelt dat gedaagde niet terug kan keren naar de woning vanwege het gevaar voor nieuwe geweldsincidenten. Gedaagde heeft de overlast niet weersproken, maar zijn gemachtigde voert aan dat het spoedeisend belang ontbreekt en dat gedaagde na behandeling mogelijk kan terugkeren. Ook wordt gesteld dat de procedure paniekvoetbal is.
De kantonrechter oordeelt dat eiseres een spoedeisend belang heeft en dat de vordering toewijsbaar is omdat met grote waarschijnlijkheid de bodemrechter tot hetzelfde oordeel zal komen. De ernst en frequentie van de overlast, inclusief het geweldsincident, maken ontruiming gerechtvaardigd. Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen drie dagen na betekening, met veroordeling in proceskosten. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot ontruiming van de woning binnen drie dagen na betekening vanwege ernstige en structurele overlast.