ECLI:NL:RBROT:2022:6491
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende inspanningsverplichting
Verzoeker heeft op 11 april 2022 een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast die was gestegen van ongeveer €14.638 naar €19.804. Verzoeker ontvangt een WW-uitkering en is sinds januari 2022 werkloos. Tijdens de zitting op 2 juni 2022 verklaarde verzoeker verschillende werkmogelijkheden te hebben afgewezen vanwege arbeidsvoorwaarden, salaris en bedrijfscultuur.
De rechtbank oordeelt dat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij de verplichtingen van de schuldsaneringsregeling zal nakomen, met name de inspanningsverplichting om werk te accepteren. Verzoekers houding om zichzelf voorop te zetten bij het aannemen van werk strookt niet met de wettelijke eisen van de regeling.
Daarom wijst de rechtbank het verzoek af. Tevens merkt de rechtbank op dat er mogelijk nog andere feiten of omstandigheden zijn die tot afwijzing kunnen leiden. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak, uitsluitend door een advocaat in te dienen bij het gerechtshof.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid dat verzoeker zich zal inspannen voor werk.