ECLI:NL:RBROT:2022:7036
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen aanmaningskosten gemeentelijke belastingen
Eiser kreeg op 18 januari 2021 aanslagen gemeentelijke belastingen opgelegd met een betalingstermijn tot 21 maart 2021. Na het uitblijven van betaling stuurde verweerder op 4 mei 2021 een aanmaning met aanmaningskosten van €17,-. Eiser betaalde alleen het aanslagbedrag en maakte bezwaar tegen de aanmaningskosten. Verweerder verklaarde een betalingsherinnering te hebben gestuurd op 13 april 2021, maar eiser ontving deze niet.
De rechtbank overwoog dat op grond van de Gemeentewet en Invorderingswet 1990 aanmaningskosten mogen worden opgelegd bij niet-tijdige betaling, zonder dat een betalingsherinnering verplicht is. Het ontbreken van ontvangst van een herinneringsbrief doet niet af aan de rechtmatigheid van de aanmaning en de kosten.
Daarom zijn de aanmaningskosten en de daarop volgende dwangbevelkosten terecht in rekening gebracht. Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanmaningskosten wordt ongegrond verklaard en de kosten zijn terecht opgelegd.