De zaak betreft een vordering van Iza Zorgverzekeraar N.V. tegen een verzekerde wegens niet volledig betaalde zorgkostennota's over de periode januari 2016 tot en met april 2021. De verzekeraar heeft zorgkosten aan zorgverleners vergoed en deze kosten vervolgens bij de verzekerde in rekening gebracht. De verzekerde erkende de betalingsachterstand, maar stelde dat er betalingsregelingen liepen.
Uit het dossier blijkt dat de verzekerde diverse deelbetalingen heeft verricht, maar dat een restant van de hoofdsom nog openstaat. De kantonrechter oordeelt dat de betalingsregeling die de verzekerde aanvoert geen betrekking heeft op de vordering in kwestie en inmiddels is geëindigd. De verzekerde heeft onvoldoende onderbouwd dat er nog een lopende regeling is.
De rechter past de wettelijke imputatieregel toe, waarbij de deelbetalingen eerst rente en kosten hebben voldaan, waarna een restant hoofdsom resteert. De verzekeraar heeft haar vordering gematigd tot € 500,00 en de kantonrechter veroordeelt de verzekerde tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding. Tevens wordt de verzekerde veroordeeld in de proceskosten.