ECLI:NL:RBROT:2022:7113
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid sluiting huurwoning wegens drugsgebruik ondanks afwezigheid huurder
Eiseres en haar toenmalige echtgenoot kregen op grond van artikel 13b van de Opiumwet een last onder bestuursdwang opgelegd tot sluiting van hun huurwoning vanwege de aanwezigheid van harddrugs en attributen voor drugsverwerking in de kelderbox.
Hoewel eiseres stelde dat zij geen verwijt treft omdat zij tijdens de overtreding afwezig was en inmiddels gescheiden is, oordeelt de rechtbank dat zij als medehuurder mede verantwoordelijk is en zich niet volledig kan disculperen. De ernst van de overtreding en het feit dat de overtreding vermoedelijk langer speelde, rechtvaardigen de sluiting.
De rechtbank stelt dat het evenredigheidsbeginsel niet is geschonden, mede omdat verweerder de sluiting slechts kort heeft laten duren en er voorzieningen waren getroffen voor acute dakloosheid. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de sluiting van de woning wordt ongegrond verklaard.