Uitspraak
Het aangehouden verzoek tot ondertoezichtstelling (638816)
Het aangehouden verzoek (spoed)machtiging tot uithuisplaatsing (643164)
;
Den Haag.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 29 augustus 2022 de zaken betreffende een 13-jarige jongen met ernstige gedragsproblemen en een complexe thuissituatie. De ondertoezichtstelling, die eerder was verlengd tot 20 september 2022, werd verlengd tot 20 juli 2023. Het verzoek van de gecertificeerde instelling tot machtiging tot uithuisplaatsing werd afgewezen en de lopende spoedmachtiging tot uithuisplaatsing werd opgeheven per 30 augustus 2022.
De minderjarige verblijft sinds kort in een crisisopvang en heeft een geschiedenis van verblijf in een gesloten instelling en thuis bij de vader. Er zijn grote zorgen over zijn sociaal-emotionele ontwikkeling, gedragsproblematiek en emotieregulatie. De hulpverlening in de thuissituatie is door taalbarrières en beperkte beschikbaarheid van ouders onvoldoende van de grond gekomen. De rechtbank acht het niet in het belang van de minderjarige om de uithuisplaatsing voort te zetten zolang een nieuw psychodiagnostisch onderzoek ontbreekt.
De rechtbank legt nadruk op het belang van passende dagbesteding en onderwijs, waarbij de minderjarige zo spoedig mogelijk naar een reguliere school of een dagbesteding met onderwijs moet gaan. Tevens wordt aanbevolen intensieve opvoedondersteuning in de thuissituatie te starten of te intensiveren, rekening houdend met de werksituatie van de ouders.
Tot slot benoemt de rechtbank ambtshalve een bijzondere curator om de belangen van de minderjarige zowel in als buiten rechte te behartigen, gezien de belangenstrijd en de zorgen over zijn ontwikkeling en hulpverlening. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd en het verzoek tot machtiging tot uithuisplaatsing wordt afgewezen met benoeming van een bijzondere curator.