ECLI:NL:RBROT:2022:8116

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
2 september 2022
Publicatiedatum
29 september 2022
Zaaknummer
10024239 VZ VERZ 22-140
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:206 lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling loon vereffenaar nalatenschap na afronding afwikkeling

Op 22 augustus 2019 is de erflater overleden. Bij beschikking van 28 mei 2020 is verzoekster benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap. Verzoekster verzoekt om vaststelling van haar loon over de periode van 25 mei 2020 tot heden, omdat de afwikkeling van de nalatenschap is afgerond en de resterende schuldeisers kunnen worden uitbetaald.

De kantonrechter beoordeelt het verzoek op grond van artikel 4:206 lid 3 BW Pro, dat voorschrijft dat het loon van de vereffenaar door de rechter wordt vastgesteld voorafgaand aan het opmaken van de uitdelingslijst. Het salarisvoorstel moet aansluiten bij de Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseances van betaling.

Verzoekster heeft een urenspecificatie overgelegd met inzicht in de werkzaamheden en tijdsbesteding, waarbij de juiste uurtarieven zijn toegepast conform ervaringsjaren. De kantonrechter oordeelt dat de urenspecificatie voldoet aan de vereisten en het verzoek niet onrechtmatig of ongegrond is. Daarom wordt het loon vastgesteld op €13.886,06 exclusief btw, oftewel €16.802,13 inclusief btw, inclusief forfaitaire uren en kantoorkosten.

Uitkomst: Het loon van de vereffenaar wordt vastgesteld op €16.802,13 inclusief btw voor de periode vanaf 25 mei 2020 tot heden.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Dordrecht
zaaknummer: 10024239 VZ VERZ 22-140
datum uitspraak: 2 september 2022
beschikking van de kantonrechter ex artikel 4:206 lid 3 BW Pro
in het verzoek van
[verzoekster] B.V.,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
verzoekster,
vertegenwoordigd door: mr. A.C. de Bakker.

1..De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
- het verzoekschrift, ingekomen op 29 juli 2022, met producties.
1.2.
De kantonrechter heeft besloten om zonder zitting uitspraak te doen.

2..De feiten

2.1.
Op 22 augustus 2019 is te Rotterdam overleden de heer [naam erflater] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , [geboorteland] , laatstelijk wonende op het adres [adres] , [postcode] , te [geborteplaats] (hierna: erflater).
2.2.
Bij beschikking van de rechtbank Rotterdam van 28 mei 2020 is verzoekster tot vereffenaar benoemd in de nalatenschap van erflater

3..Het verzoek

3.1.
Verzoekster verzoekt om haar loon vast te stellen over de periode van 25 mei 2020 tot en met heden op een bedrag van € 16.802,13.
3.2.
Verzoekster heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat de afwikkeling van de nalatenschap van erflater is afgerond, zodat het loon van de vereffenaar moet worden vastgesteld. Daarna kunnen de resterende schuldeisers worden uitbetaald en kan de nalatenschap verdeeld worden.

4..De beoordeling

4.1.
Op grond van artikel 4:206 lid 3 BW Pro heeft een door de rechtbank benoemde vereffenaar recht op loon dat door de kantonrechter voor het opmaken van de uitdelingslijst wordt vastgesteld.
4.2.
Conform de aanbevelingen opgenomen in de ‘Handleiding erfrechtprocedures kantonrechter’, dient het salarisvoorstel aan te sluiten bij de ‘Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseances van betaling’.
4.3.
Verzoekster heeft een urenspecificatie overlegd. Verzoekster heeft daarin voldoende inzicht gegeven in de uitgevoerde werkzaamheden en de daaraan bestede tijd. Ook zijn de juiste uurtarieven (in 2020 € 219,- per uur, in 2021 € 226,- per uur en in 2022 € 229,60 per uur, exclusief btw) toegepast. Op deze uurtarieven is de berekeningssystematiek gebaseerd op ervaringsjaren van de diverse medewerkers. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft verzoekster dit juist toegepast. De urenspecificatie voldoet aan de vereisten van de Recofa-richtlijnen. Nu het verzoek overigens niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, zal het loon over de periode vanaf 25 mei 2020 tot heden, overeenkomstig het verzoek van de verzoekster, worden vastgesteld op een totaalbedrag van € 13.886,06 exclusief btw/ € 16.802,13 inclusief btw (inclusief vier uur forfaitair ten behoeve van de afwikkeling met uitdeling en 4% kantoorkosten).

5..De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
stelt het loon van verzoekster als vereffenaar in de periode vanaf 25 mei 2020 tot en met heden vast op een totaal bedrag van € 13.886,06 exclusief btw/€ 16.802,13 inclusief btw.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Steenderen-Koornneef en in het openbaar uitgesproken.
31688