ECLI:NL:RBROT:2022:895
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tweede incidentele vordering tot afgifte vervoersdocumenten wegens misbruik van procesrecht
In deze civiele procedure tussen Fortuna en diverse ladingbelanghebbenden vordert Fortuna voor de tweede maal incidenteel afgifte van vervoersdocumenten die verband houden met een incident op 13 september 2018. Fortuna stelt dat deze documenten cruciaal zijn om haar vorderingsgerechtigdheid en beroep op derdenbescherming te onderbouwen.
De rechtbank overweegt dat dezelfde vordering reeds eerder aan de orde is geweest en bij vonnis van 12 mei 2021 is afgewezen. Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden die het opnieuw instellen van de vordering rechtvaardigen. Het beginsel ne bis in idem en het verbod op misbruik van procesrecht staan herhaalde vorderingen van gelijke strekking tegen.
De rechtbank concludeert dat Fortuna met de tweede vordering misbruik van procesrecht heeft gemaakt omdat zij zonder nieuwe feiten een kansloze vordering instelt die leidt tot vertraging en extra kosten. De vordering wordt daarom afgewezen en Fortuna wordt veroordeeld in de proceskosten, vastgesteld op € 563,-. Verdere beslissingen in de hoofdzaak worden aangehouden en de zaak wordt verwezen naar de rol voor beraad over een mondelinge behandeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de tweede incidentele vordering van Fortuna af wegens misbruik van procesrecht en veroordeelt Fortuna in de proceskosten.