Schuldenaar verzocht om verkorting van de wettelijke driejarige termijn van zijn schuldsaneringsregeling naar twee jaar, omdat hij voorafgaand aan toelating ruim zeven jaar van de beslagvrije voet had moeten leven en al ruim €130.000 had afgelost via loonbeslag.
De bewindvoerder adviseerde afwijzing van het verzoek, stellende dat verkorting slechts mogelijk is bij bijzondere omstandigheden die het belang van schuldenaar zwaarder doen wegen dan dat van schuldeisers, en dat schuldenaar reeds met toepassing van de hardheidsclausule was toegelaten.
De rechter-commissaris overwoog dat schuldenaar fulltime werkt en een aanzienlijke afloscapaciteit heeft, waardoor schuldeisers gebaat zijn bij de gebruikelijke driejarige looptijd. De hoge schuldenlast en het feit dat niet alle schuldeisers van eerdere aflossingen profiteerden, wegen mee tegen verkorting.
Gelet op de wettelijke terughoudendheid bij verkorting en het ontbreken van bijzondere omstandigheden, wees de rechter-commissaris het verzoek af. De beschikking is gegeven op 12 oktober 2022 door mr. J.C.A.T. Frima.