Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De verdere procedure
- het tussenvonnis van 10 juni 2022 tussen partijen en de daaraan ten grondslag liggende processtukken;
- de akte van [eiser01] met producties, ontvangen op 21 juli 2022;
- de antwoordakte met producties voor de rolzitting van 1 september 2022.
2..De beoordeling
- het antwoord op de vraag of [gedaagde01] nog een bedrag aan kilometervergoeding aan [eiser01] moet betalen over de periode september/oktober 2016;
- de hoogte van de waarde van een vakantiedag;
- de hoogte van de loonbedragen die niet op tijd betaald zijn (waarmee niet bedoeld is de bonus);
- de hoogte van 10% aan wettelijke verhoging, zoals bedoeld in artikel 7:625 BW Pro, over het loon dat [gedaagde01] niet op tijd aan [eiser01] heeft betaald, omdat zij de loonsverhogingen niet op tijd doorvoerde en de vergoeding voor de niet genoten vakantiedagen niet op tijd betaald is;
- vanaf wanneer de wettelijke rente verschuldigd is.