ECLI:NL:RBROT:2023:10012
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen schuldenaar
Bij vonnis van 12 oktober 2023 heeft de rechtbank Rotterdam de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van schuldenares. De bewindvoerder had verzocht om beëindiging wegens meerdere tekortkomingen in de nakoming van de verplichtingen door schuldenares.
De bewindvoerder stelde dat schuldenares sinds december 2021 niet voldeed aan haar sollicitatieplicht, onvoldoende informatie verstrekte ondanks herhaalde verzoeken en nieuwe schulden had laten ontstaan, waaronder een achterstand bij de zorgverzekeraar en een verhoogde schuld bij een deurwaarder. Schuldenares was niet verschenen op de zitting en gaf geen blijk van een saneringsgezinde houding.
De rechtbank oordeelde dat deze tekortkomingen toerekenbaar waren en dat schuldenares onvoldoende had voldaan aan haar verplichtingen onder de schuldsaneringsregeling. Gezien het ontbreken van een actieve houding en het ontstaan van nieuwe schulden, werd de regeling op grond van artikel 350 lid 3 sub c Faillissementswet Pro tussentijds beëindigd. Tevens werd het salaris van de bewindvoerder vastgesteld.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen in nakoming verplichtingen en het ontstaan van nieuwe schulden.