Eiser heeft bij de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verzocht om bij de vaststelling van zijn aanvullende beurs geen rekening te houden met het inkomen van zijn vader. Dit verzoek werd door verweerder afgewezen op 18 november 2021 en het bezwaar van eiser tegen deze afwijzing werd eveneens ongegrond verklaard op 24 februari 2022. Eiser stelde dat zijn vader geen alimentatie betaalt vanwege een gebrek aan draagkracht en dat er sprake is van een ernstig en onverzoenlijk conflict.
De rechtbank constateert dat eiser de gevraagde aanvullende informatie niet heeft verstrekt en dat uit de overgelegde gegevens onvoldoende blijkt dat aan de voorwaarden voor loskoppeling is voldaan. Er is geen bewijs dat eiser zijn vader heeft aangesproken op het niet betalen van alimentatie of dat er juridische stappen zijn ondernomen om alimentatie te innen. Ook is onvoldoende aannemelijk dat sprake is van een langdurig ernstig conflict zoals bedoeld in de wet.
De rechtbank concludeert dat verweerder de afwijzing van het verzoek in redelijkheid heeft kunnen doen en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen terugbetaling van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter S. Ketelaars-Mast op 14 februari 2023.