Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 12 oktober 2023, met producties 1 tot en met 14 en de aanvullende overgelegde producties 15 en 16
- de bij brief van 18 oktober 2023 overgelegde producties 1 en 2 van de man
Rechtbank Rotterdam
Partijen zijn gescheiden en gezamenlijk eigenaar van de woning te Rotterdam. De rechtbank heeft de woning aan de vrouw toegewezen, die met de kinderen in de woning verblijft. De vrouw heeft de woning laten taxeren op €375.000 en wil het aandeel van de man overnemen. De man betwist de taxatiewaarde en heeft hoger beroep ingesteld tegen de verdelingsbeschikking.
De vrouw vordert dat de man wordt veroordeeld om mee te werken aan de overdracht van zijn aandeel in de woning en alle benodigde handelingen te verrichten. De man weigert mee te werken zolang het hoger beroep loopt. De rechtbank overweegt dat het belang van de vrouw bij uitvoering van de beschikking zwaarder weegt dan het belang van de man bij uitstel.
De rechtbank veroordeelt de man tot medewerking binnen twee weken na betekening, met een dwangsom bij niet-naleving en stelt dat dit vonnis in de plaats treedt van de vereiste toestemming van de man. De vordering tot nakoming van andere onderdelen van de echtscheidingsbeschikking wordt afgewezen wegens onvoldoende concreetheid en spoedeisend belang. De kosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot medewerking aan de overdracht van zijn aandeel in de woning binnen twee weken tegen de getaxeerde waarde van €375.000.